zaterdag 29 december 2012

Het team van Changing Lives wenst u een hartverwarmend 2013

 
Hartelijk dank voor uw betrokkenheid bij Stichting Changing Lives. Mede dank zij uw bijdrage konden we in de afgelopen tijd de levens van mensen in Bangladesh veranderen door het sponsoren en/of brengen van

• 30.000 tandenborstels
• 600 educatieve posters
• medisch onderzoek en zo nodig behandeling van ruim 5000 kinderen
• training van gezondheidswerkers, leerkrachten en andere sleutelpersonen
• speeltoestellen voor een buitenschoolse opvang
• honderden wormenkuren
• honderden babymutsjes, sokken en dekens voor kinderen.

Als team van Changing Lives kijken we met voldoening en trots terug op de tijd sinds de oprichting van Stichting Changing Lives anderhalf jaar geleden. We hebben diverse effectieve projecten uitgevoerd, en achter de schermen heeft de organisatie en PR van de stichting steeds meer vorm gekregen.

De projecten zijn natuurlijk waar het om draait. Uw financiële bijdrage gaat voor 100% naar één van de projecten, tenzij u aangeeft dat het voor de onkosten van de stichting bestemd is.

Nogmaals bedankt voor uw betrokkenheid. Graag houden wij u ook het komend jaar op de hoogte van onze activiteiten.
Wij wensen u een hartverwarmend 2013.

Met hartelijke groet,
het team van Stichting Changing Lives.

woensdag 7 november 2012

Bangladesh heeft te weinig water

In 1971 werd Bangladesh na een bloedige burgeroorlog onafhankelijk. Veel ontwikkelingsorganisaties boden het straatarme Bangladesh hulp, onder andere door het boren van waterputten voor drinkwater. Tien tot vijftien jaar later zou blijken dat de Bengalen ziek worden van dit water. In Bangladesh zit namelijk van nature het giftige arsenicum in de grond. In grotere hoeveelheden is  arsenicum snel dodelijk. In kleinere hoeveelheden beschadigt arsenicum langzaam maar zeker de zenuwbanen.

In Nederland is drinkwater zo makkelijk te krijgen, dat we er zelfs onze WC mee doorspoelen. Maar wereldwijd is tekort aan drinkwater een probleem, en in ontwikkelingslanden een zeer groot probleem.

Zoals bijvoorbeeld in het zuiden van Bangladesh. Een waterleiding is er niet. Water moet je zelf ophalen. Maar waar?


Flessenwater is onbetaalbaar, behalve voor de rijkere mensen.
De meesten mensen in het zuiden van Bangladesh drinken oppervlaktewater. In het vlakke land vind je uitgegraven vijvers gevuld met water. Helaas heeft de orkaan Ayla in 2008 veel zeewater het land in geblazen. Daardoor zit er in veel van die vijvers nu halfzout, ondrinkbaar water. Die vijvers worden ook gebruikt om jezelf, je kleren en je vee in te wassen. En dat maakt het water ook ongeschikt om te drinken. Dus hebben de Bengalen afgesproken om bepaalde vijvers niet te gebruiken om te wassen. Uit die vijvers halen ze water, om te drinken en te koken.
Het beschikbare drinkwater is dus beperkt, daarom proberen de Bengalen in de regentijd water op te vangen. Sommige organisaties bouwen betonnen bassins om regenwater in te bewaren. Maar dit is nooit genoeg om de droge tijd mee door te komen.

Het weinige drinkwater dat wel beschikbaar is, is van erbarmelijke kwaliteit. Voordat vijverwater, of maandenlang opgeslagen vervuild regenwater, veilig kan worden gedronken, zou het eerst moeten worden gefilterd, gekookt en/of ontsmet. Maar ook dat is voor de meeste mensen te duur. Stel je voor dat wij water uit de sloot zouden moeten drinken, of uit een regenton waar het water al maanden in staat…  Precieze cijfers zijn niet bekend. Naar schatting overlijden wereldwijd jaarlijks 1.3 miljoen (!) kinderen door gebrek aan schoon drinkwater en hygiëne.

De beste oplossing in de arme delen van Bangladesh zijn op dit ogenblik waterpompen. Pompwater wordt tijdens zijn loop naar beneden  gefilterd door de grond. Bij het weer naar boven pompen, gaat het water door een filtersysteem in de pomp. Pompwater is daardoor relatief schoon.


Het aantal waterpompen, vooral in het zuiden van Bangladesh, is beperkt. Als je niet diep genoeg boort, is de kans groot dat je water met arsenicum oppompt. Arsenicum wordt er niet uit gefilterd. Als je te diep boort, loop je de kans om zout water aan te boren. Als je zoet water naar boven krijgt moet je dat laten testen, of het arsenicumvrij is. Dat maakt een waterpomp voor Bengaalse begrippen duur.

Water. De waarde van water besef je pas, als het er niet is.

zondag 4 november 2012

Onze eerste vrijwilligersavond

Hartverwarmend!
Dat is in één woord het gevoel dat overbleef na onze eerste vrijwilligersavond.

De zeven leden van het Changing Lives team en de veertien bezoekers zorgden voor een volle huiskamer. Verschillende mensen schetsten in hun presentaties een beeld van het werk van Stichting Changing Lives in Bangladesh. De twee uur die gepland waren, waren niet genoeg om alles te doen wat we wilden doen. Maar meer dan genoeg om de bezoekers vol te stoppen met informatie.
 
Han vertelde over het ontstaan van Stichting Changing Lives. Han en Corry startten als medische vrijwilligers met het onderzoeken van kinderen uit de allerarmste gezinnen. Ze ontdekten dat er drie hoofdproblemen zijn in de gezondheid van deze kinderen. En dat je met relatief beperkte middelen, heel veel kan doen in ontwikkelingslanden. Anderen wilden ook meehelpen. Om dat op een transparante manier mogelijk te maken, is Stichting Changing Lives opgericht. Met als speerpunten de hoofdproblemen die Han en Corry vonden.

Laurens zette voor iedereen nog even de geschiedenis en geografie van Bangladesh op een rijtje. Bangladesh werd in 1971 onafhankelijk na een bloedige strijd tussen het toenmalige West en Oost Pakistan. Voor de onafhankelijkheid moesten de mensen in Oost Pakistan Urdu spreken, de taal van West Pakistan, een land dat 1.500 kilometer verderop ligt. Oost Pakistan heeft zich na haar afscheiding Bangladesh genoemd: het land (=desh) waar Bangla wordt gesproken.
 
Corry vertelde over onze eerste ervaringen, de mensen in Bangladesh en de armoede. De mensen daar plannen nauwelijks vooruit, dus je moet flexibel zijn en kunnen improviseren. De verblijfplaatsen zijn erg basic. Het eten wordt klaargemaakt op de grond, op een houtvuurtje, zonder koelkast of andere moderne middelen. Wij zijn gelukkig nog nooit ziek geworden. De mensen zijn vriendelijk, gastvrij en zullen alles doen om het je naar de zin te maken.

Hans en Wendy Meijer gaven een beeld van wat zij in Bangladesh hebben gedaan: les geven, maar vooral ook alles daar om heen. Organiseren. Regelen. Contact maken met mensen. En zij vertelden ook hoe het is om “onder de vleugels van Han en Corry” een ontwikkelingsland te bezoeken. (Gelukkig over heerste het positieve gevoel over alle informatie, waarschuwingen en tips, die zij voor en tijdens de reis kregen.) Voor hun zelf is het een geweldige ervaring geweest. Eén waarschuwing: als je een keer mee gaat, smaakt dat naar meer!

Sioe Dian zette ons weer met beide benen op de grond. Basic is in Bangladesh echt basic. Tijdens je verblijf in Bangladesh is je geïmpregneerde klamboe de enige veilige plek, als je niet houdt van muggen, vliegen, kakkerlakken of ratten. Je moet je realiseren dat je beperkt bent in tijd en mogelijkheden, en dus invloed. De taalbarrière beperkt het contact. En dat geldt extra voor (jonge) vrouwen. In de Bengaalse cultuur zitten vrouwen vooral binnenshuis. Het zijn de mannen die contact maken, en die doen dat met mannen, en niet rechtstreeks met vrouwen.

Irina vertelde na de pauze over de plannen voor het komende jaar. Stichting Changing Lives wil in 2013 aan de slag met drinkwater. Hiervoor hebben we al informatie verzameld en contacten gelegd met andere organisaties. We zijn bezig de plannen te concretiseren.

Han en Corry gaven daarna nog praktische informatie over reizen naar en in Bangladesh. Over kleding, reispapieren, vaccinaties en kosten.

Het laatste praatje was van Irina. Zij sloot af met dat je in Nederland ook heel veel goeds kan doen voor Stichting Changing Lives. Dus als zelf naar een ontwikkelingsland gaan niet bij je past, maar je wilt wel bijdragen, dan is er meer dan genoeg te doen.

Om 22.00 uur moesten we de avond officieel afsluiten, vanwege de tijd. Sommigen hadden nog een lange terugreis voor de boeg. We hebben met sommigen korter, met anderen langer geanimeerd doorgepraat. (De laatste bezoekers gingen rond 24.00 uur naar huis.)

Het geeft veel energie om al die verschillende mensen hun kant van het verhaal te horen vertellen. Die energie gaan we gebruiken om de plannen van de volgende reis te concretiseren.  

zondag 28 oktober 2012

Bangladesh heeft te veel water

Bangladesh. Als ik praat over Bangladesh is het eerste wat mensen zeggen: dat is toch dat land waar zo veel overstromingen zijn? Dat klopt.

Bangladesh is vlak. Heel vlak. Nog vlakker dan Nederland zeg ik altijd. Nederlanders kunnen zich dat niet voorstellen. Maar het is echt zo. En als je een keer in Bangladesh geweest bent, snap je wat ik bedoel. De laagvlakte van Bangladesh mondt in het zuiden uit in zee, de Golf van Bengalen. Het overige deel van de laagvlakte wordt omringd door het Himalaya gebergte. Je kan de vorm van Bangladesh vergelijken met een kopje, waarvan aan één kant de wand ontbreekt.

In de regentijd stroomt het water uit de Himalaya het laagland van Bangladesh in. Het rivierwater uit de bergen neemt veel vruchtbare aarde mee. Daarom laten de Bengalen grote delen van het land bewust(!) onder water lopen. Het vruchtbare slib daalt dan neer op de bodem van het land, en daarop kunnen ze gewassen verbouwen. Vooral rijst. Een groot deel van Bangladesh staat dus in de regentijd bewust onder water. Om te zorgen dat de mensen toch nog over hun land kunnen lopen, hebben ze licht verhoogde (20 cm) paden door hun land lopen. De verkeerswegen voor fietsen en karren staan 1 tot 2 meter boven het land.

Maar soms gaat het mis. Als er meer regen valt in de Himalaya, komt er meer water in het laagland. Door de ontbossing in de bergen, komt het water niet geleidelijk, maar komt alles tegelijk naar beneden. En als ook nog de wind vanuit het zuiden waait, wordt het zeewater het land in geblazen en kan het rivierwater niet weg. Als het water 20 cm hoger komt, dan zijn de landbouwgronden niet meer begaanbaar. En als het water een meter hoger komt, dan zijn de wegen ook niet meer begaanbaar.

En dan heb ik het nog niet eens over de grond die weggespoeld wordt, door het stromende rivierwater. Op de oevers van de rivieren bouwen de Bengalen toch huizen, ondanks het gevaar. Bangladesh is zo dichtbevolkt dat elk stukje land gebruikt moet worden. Als die oevers wegspoelen, spoelen ook de huizen die er op staan weg. Rivieroeverbewoners moeten soms jaarlijks overnieuw beginnen.


Er zijn geen makkelijke oplossingen voor het te veel aan water in Bangladesh. Aan de vorm van het land en de ontbossing in de bergen kunnen de Bengalen zelf niet veel doen. Ook niet aan de windrichting en de stijging van de zeespiegel.
Maar er zijn wel sprankjes van hoop. Dijken langs de riviermondingen verstevigen de rivieroevers. In de droge tijd graven ze de rivieren uit, zodat die dieper worden en meer water aan kunnen. De klei gebruiken ze om bakstenen van te maken. Ze bouwen shelters, betonnen gebouwen op palen, waarin ze de tijd dat een orkaan woedt en het land onder water staat kunnen overleven. De Bengalen leren steeds beter met het water omgaan.

De regentijd loopt op zijn eind in Bangladesh. De ongelukken die er tot nu toe zijn gebeurd komen nauwelijks in het nieuws. Zal jij wel een beetje aan ze denken?

Nieuws
Tropische stormen geselen Bangladesh
Doden regenbuien Bangladesh

dinsdag 23 oktober 2012

Deadline 2 november


"Jullie worden steeds professioneler." Onze buurvrouw volgt Changing Lives en gaf me een compliment over de ontwikkeling van onze stichting. Als voorbeeld gaf zij dat wij nu ook vrijwilligers uitnodigen om met ons mee te gaan.

Mijn reactie was dat we ook echt een professioneel team hebben. Alle medewerkers zijn weliswaar vrijwilligers. Daardoor zijn we beperkt in tijd en in de hoeveelheid werk die we kunnen verzetten. Maar inhoudelijk hebben we veel kennis in huis of bij de hand in ons persoonlijke netwerk. Het team van bestuur, directie en direct betrokkenen heeft medische, psychologische, technische, bedrijfskundige, juridische, financiële en creatieve kennis in huis.
Ik ben blij dat je dat aan de buitenkant ook merkt.

Eén gevolg van de professionaliteit van ons bestuur is dat we onszelf deadlines stellen. Eén van die deadlines is 2 november.

Onze vrijwilligersavond op 2 november nadert met rasse schreden. (Je mag je nog aanmelden!) En we zijn volop bezig met de voorbereidingen. Die mensen willen natuurlijk weten wat onze plannen zijn. Dus 2 november is een deadline om daar meer duidelijkheid over te krijgen. Verder willen we de kandidaat vrijwilligers ook informatie meegeven. Dus eigenlijk willen we dan een folder klaar hebben. En dan zijn er nog een heleboel kleine dingen die voor die tijd geregeld moeten zijn.

2 november vrijwilligersavond. 2 november deadline.
Ik ga maar gauw aan het werk.

 

zondag 12 augustus 2012

Vrijwilligersavond 2 november

Zou ik daar wat kunnen doen? Die vraag krijgen we van verschillende mensen

Corry en ik (Han) zijn heel enthousiast over het werk dat wij doen in ontwikkelingslanden. En af en toe besmetten we anderen met ons enthousiasme. Want verschillende mensen informeren bij ons naar mogelijkheden om zelf daadwerkelijk te helpen in een ontwikkelingsland.
Twee jaar geleden zaten we met zijn tweeën in Bangladesh. Vorig jaar met zijn vieren. Dit jaar met zijn zessen. Volgend jaar met ....?

We vinden het hartstikke leuk om mensen met ons mee te laten reizen. Ons verlangen is om Nederlanders te verbinden met ontwikkelingslanden. En daarvoor is waarschijnljk geen betere manier dan er persoonlijk heen te gaan. En we hebben ook ontdekt dat wij het heel erg leuk vinden om anderen in te wijden in het leven in een ontwikkelingsland. Met dank aan Hans en Wendy en Arthur en Annemarie. Met hun vragen, verbazing, leergierigheid en hun eigen interesses en achtergrond hebben zij ons geholpen om Bangladesh weer door de ogen van nieuwkomers te zien. En dank zij onze ervaring en ons netwerk kunnen wij mensen helpen om bezig te zijn in een ontwikkelingsland, zonder dat je je zorgen hoeft te maken over allerlei organisatorische dingen als vervoer, slaapplekken, eten en veiligheid.

Zou ik daar wat kunnen doen? Ja!!
Veel mensen denken dat je medisch geschoold moet zijn om wat nuttigs te kunnen doen in een ontwikkelingsland. Niets is minder waar. In ontwikkelingslanden hebben ze evenveel, misschien nog wel meer behoefte aan technici, onderwijzers, organisatoren etcetera.

Eén van de dingen die van ons het meest gewaardeerd wordt, is eenvoudigweg dat we er zijn....
Voor de mensen in Bangladesh zijn westerlingen normaliter hooggeplaatste personen, die nooit in hun dorp komen. En als ze wel komen, dan praten ze twee uur met de bobo's van een project en vertrekken dan weer. Wat voor hen bijzonder is, is dat we dagenlang blijven, met ze (proberen te) praten, eten, leven. Dat geeft ze een grotere opsteker, en meer hoop, dan het werk dat we daar doen. Daarom durven we volmondig te zeggen, dat het voor iedereen mogelijk is om zinvol bezig te zijn in een ontwikkelingsland.

Toch zijn we voorzichtig met al te uitnodigend zijn, in het mensen met ons mee te nemen.Voor iedereen is er wel wat nuttigs te doen. Maar dat betekent niet dat dat altijd via Stichting Changing Lives kan. Wij stemmen onze activiteiten af op de behoefte van organisaties ter plekke. Omdat die organisaties vaak met korte termijn planning werken, gebeurt die afstemming voor westerse begrippen vaak erg laat. En mensen die mee gaan, moeten daar wel in en bij passen.

Tegelijkertijd gunnen we veel andere mensen de geweldige positieve ervaring van samenwerken met de lokale bevolking in een ontwikkelingsland. Dus we zoeken naar wegen om dat mogelijk te maken.

Daarom: Voor mensen die serieus overwegen om een keer met Stichting Changing Lives als vrijwilliger mee te gaan naar een ontwikkelingsland organiseren wij een vrijwilligersavond. Op vrijdag 2 november 2012 kan je meer horen over wat het voor jou betekent om een paar weken met Stichting Changing Lives in een ontwikkelingsland mee te werken.

Wil je graag komen op 2 november? Meld je dan aan via de website.

zondag 29 juli 2012

Mutsjes voor Bangladesh

Het Bengaalse woord voor muts spreek je uit als "toppie".

Tientallen Nederlandse dames hebben babymutsjes gebreid voor baby's in Bangladesh. Toppie, niet waar? Een enkeling heeft in haar eentje honderden mutsen gebreid. Je snapt dat we dat heel erg "toppie" vinden. Maar het allerleukste is dat Changing Lives die toppies namens al die breidames mochten uitdelen.

Mutsen? Maar Bangladesh is toch een warm land?

Ja. In Bangladesh is het 9 maanden per jaar warm tot erg warm. Maar 3 maanden per jaar is het koel, en soms zelfs koud. De mensen die ons al langer volgen weten dat wij het ons tijdens ons eerste bezoek aan Bangladesh erg koud hebben gehad. In de winter daalt de temperatuur tot 4-5 graden boven nul. Alleen als je geen verwarming hebt in de huizen, en de ramen zijn gewoon gaten waar geen glas voor zit... Dan is het binnen net zo koud als buiten. En vaak is het binnen nog kouder omdat daar het zonlicht niet komt en het binnen vochtiger is. De armere mensen slapen op een jute lap op de lemen grond. En liggen dus praktisch gesproken op de koude vloer. De zwakkere en oudere mensen hebben dan veel moeite om zichzelf op temperatuur te houden. Elke winter gaan er dan ook in Bangladesh mensen dood van de kou.

Baby's hebben veel moeite om zichzelf op temperatuur te houden. Omdat hun lichaamsoppervlak relatief groot is, verliezen zij veel warmte. Bij pasgeboren baby's werkt het regelsysteem voor de temperatuur nog heel slecht, dus zij lopen nog meer gevaar om te veel af te koelen. Daarom zijn mutsjes voor baby's die vlak voor of in de winter worden geboren geen overbodige luxe, maar pure noodzaak.

Dus hebben enkele Nederlandse dames besloten om mutsjes te breien voor baby's in Bangladesh. Die dames hebben weer andere dames enthousiast gemaakt. In plastic zakjes, manden en dozen kwamen de mutsjes aan bij Stichting Changing Lives. Allemaal van niet synthetisch materiaal, want dat is riskant in een land waar er veel open vuur in de huizen is. Dit jaar hebben wij circa 450 mutsen meegenomen en uitgedeeld.

De mutsen vonden gretig aftrek. Via de deelnemers aan onze trainingen hebben we de meeste mutsen weggegeven. En als we een baby tegen kwamen, kreeg die persoonlijk een muts. Als je wilt zien hoe dit er uitziet: je kan nog meer foto's bekijken op
Corry had meestal een paar mutsjes bij zich. Dus soms kwamen we toevallig een niets vermoedende moeder met haar baby tegen. Die werd ineens overvallen door een blanke dame, die vroeg of haar baby een jongen of een meisje was, en de baby dan een mutsje op deed.

Natuurlijk vonden de mensen het leuk om een mutsje te krijgen. Maar nog leuker vonden ze dat iemand die ze helemaal niet kenden, in een land heel ver weg, de moeite neemt om voor hen een muts te maken. En als je er over nadenkt is dat ook heel bijzonder.

Alle breisters heel hartelijk dank. Jullie zijn toppie!!